Vragen stellen

Vragen stellen is de krachtigste werkvorm om het leren te activeren, verbanden te ontdekken en kritisch te verwerken.

Elke vraag is in feite een leerdoel.

Aan de hand van vragen bestudeer je sneller en doelgerichter de relevante delen van de leerstof.

 

Waarom vragen stellen?

De leervaardigheden worden aangesproken als de vragen gericht zijn op:

  • oude kennis terugroepen in het geheugen, zodat de nieuwe kennis beter wordt onthouden (zelfkennis)
  • ontdekken of de leerstof goed begrepen wordt en waar de moeilijkheden zitten (zelfsturing)
  • structuur aanbrengen in de leerstof (structureren)
  • leggen van verbanden dwars door de leerstof heen (synthetiseren).
  • nadenken en mening vormen over het onderwerp (kritisch verwerken)
 

 

Er zijn verschillende soorten vragen te onderscheiden met een oplopende moeilijkheidsgraad. De moeilijkere soorten vragen prikkelen tot nadenken en bevorderen daarmee het leerproces.

Hoe je de vraag stelt, is afhankelijk van de woorden die je gebruikt. In dit overzicht worden 6 type vragen beschreven. De vragen zijn gebaseerd op de Taxonomy van Bloom. Zie voor meer informatie op de site van leren.nl

1. Kennisvraag: gericht op feitelijke informatie

  • Feiten en gebeurtenissen.
  • Opsommingen.
  • Definities.
  • Beschrijvingen.
  • Feitelijke verbanden.
  • Herkennen en aanwijzen.

2. Inzichtvragen: gericht op relevante leerstof onderkennen en het antwoord in eigen woorden weergeven. Je moet de leerstof kunnen uitleggen.

  • Selecteren en samenvatten
  • Een verklaring geven
  • In eigen woorden weergeven
  • Een tekening maken van
  • Voorspel gevolgen
  • Voorbeelden geven
  • Uitleggen
  • Grote lijnen aangeven
  • Beschrijven
  • Verschillen en overeenkomsten aangeven

3. Toepassingsvragen: de leerstof in een onbekende situatie gebruiken om een probleem op te lossen.

  • Een plan ontwikkelen
  • Oplossingen voorstellen
  • Aantonen dat
  • Laten zien hoe
  • Kennis gebruiken in een situatie
  • Concrete gevallen toetsen aan abstracte definities
  • Een opgave oplossen of berekening maken

4. Analysevragen: gericht op doorgronden van de leerstof op en de onderdelen met elkaar in verband brengen. Analysevragen zijn essentieel om kennis uit een leersituatie toe te kunnen passen in de praktijk.

  • In delen splitsen
  • Welke milieurisico's brengt een kerncentrale met zich mee?
  • Patronen beschrijven
  • Welke oorzaken kun je na het bestuderen van de Russische en Amerikaanse revoluties aangeven voor het ontstaan van revoluties?
  • Bewijzen voor conclusies aangeven
  • Onderbouw of weerleg de volgende stelling: de perceptie van de kwaliteit van de gezondheidszorg door het publiek stemt niet overeen met de objectieve kwaliteit.
  • Classificeren
  • Is milieuvervuiling primair een technisch, economisch of politiek probleem?
  • Onderzoeken
  • Heeft het regeringsbeleid in de periode 2002-2004 wezenlijk bijgedragen aan het drastisch reduceren van de werkloosheid in die periode?
  • Vergelijken
  • Vergelijk deze cursus "Actief Leren" met het hoofdstuk "Studiemethoden" in de gids "Studeren" van NRC Handelsblad.
5. Evaluatievraag: gericht op een beargumenteerd oordeel en standpunt. Je beoordeelt een idee op zijn waarde, kiest uit verschillende oplossingen voor een probleem, of je beoordeelt een kunstwerk. Je ontwikkelt en verdedigt een opinie. De beantwoording van evaluatievragen is mede gebaseerd op je persoonlijke overtuigingen.
  • Concluderen
  • Zou de oorspronkelijke evolutietheorie van Darwin naar hedendaagse maatstaven stand houden?
  • Beargumenteren
  • Is het huidige economisch systeem in Nederland het definitieve systeem?
  • Waarde aangeven
  • Wie is de beste parlementariër?
  • Bekritiseren
  • Wat zijn de zwakke punten van de troonrede van dit jaar?
  • Kiezen en de keuze rechtvaardigen
  • Zou invoering van de doodstraf een goede zaak zijn?
  • Besluiten
  • Hoeveel maanden celstraf zou je geven aan iemand die schuldig is aan een verkeersongeval met dodelijke afloop?

5. Synthesevragen: gericht op onderdelen samenbrengen tot iets nieuws. Je moet creatief omgaan met kennis en inzichten. Bij synthesevragen zijn zeer uiteenlopende antwoorden mogelijk.

  • Ontwerpen
  • Ontwerp de ideale stad.
  • Scheppen
  • Schrijf een toneelstuk dat jouw leven weergeeft.
  • Samenstellen
  • Schrijf een regeerakkoord op basis van je eigen politieke overtuigingen, als je 50/50 moet samenwerken met een andere politieke partij.
  • Schrijven
  • Schrijf een artikel voor een zaterdagkrant over jouw oplossing voor het fileprobleem.
  • Ontwikkelen
  • Ontwikkel een computersimulatie waarmee je de oplossing van een derdegraads vergelijking kunt benaderen.
  • Voorspellen en extrapoleren
  • Wat zou er gebeuren als het gebruik van softdrugs zou worden verboden?
  • Combineer kennis op verschillende terreinen
  • Wat zijn de potentiële economische gevolgen van de uitbraak van een ernstige ziekte in de veehouderij.

     

Ċ
Frank Peeters,
20 apr. 2011 06:26
Comments